Het zwarte boek Lotte hing aan de achterkant van het grachtenhuis, terwijl regen over haar handschoenen liep. Boven haar stond het zolderraam open, precies zoals Amir het had beloofd. “De brug is leeg,” zei Amir door haar oortje. “Je hebt zeven minuten.” “Zes,” zei Daan vanuit de boot beneden. “De motor doet weer moeilijk.” Lotte trok zich naar binnen en bleef tussen oude stoelen liggen luisteren. Het huis was stil, maar ergens tikte een klok te snel. Het plan was eenvoudig: naar de werkkamer, het kleine schilderij pakken en verdwijnen. Lotte nam altijd één ding uit een huis, nooit meer, ook als er zilver op tafel lag. Eén ding kon een ongeluk lijken, maar vijf dingen werden een onderzoek. Ze liep naar beneden en vond de werkkamer achter een groene deur. Boven het bureau hing echter alleen een lege haak. “Het schilderij is weg,” fluisterde ze. “Neem niets anders,” antwoordde Amir meteen. “Kom terug.” Op het bureau lag een zwart boek met een koperen slot. Het zag er goedkoop uit, maar Amir had te snel geantwoord. “Wat staat er in dit boek?” vroeg Lotte. Daan vloekte zacht door het oortje. Amir bleef stil. Toen ging achter haar een lamp aan. Een brede man zat in een leren stoel, met een pistool los op zijn knie. “Dat boek was niet voor jou,” zei hij. “Amir zou het schilderij nemen.” Lotte hield het zwarte boek tegen haar borst. “En u bent?” “Rens. De man die jullie vanavond zouden beroven.” “Lotte, leg het neer,” zei Amir. Zijn stem klonk nu dun. “Hij laat je gaan.” Rens keek naar haar oortje. “Dat heb ik Amir ook beloofd.” Beneden sloeg de bootmotor aan en meteen weer af. Daan zei niets meer. Lotte opende het boek, hoewel Rens zijn pistool optilde. Op de eerste bladzijde stonden Amirs naam, bedragen en adressen van huizen waar zij eerder was geweest. “Jij koos mijn huizen,” zei ze. “Wij kunnen dit buiten bespreken,” zei Amir. “Als je nu nog buiten komt.” Rens stond op, maar Lotte gooide de zware bureaulamp door het raam. Glas viel naar de gracht en Daan startte de motor opnieuw. Rens greep haar jas, terwijl Amir in haar oor bleef roepen. Lotte liet één handschoen achter, sprong door het kapotte raam en hield het zwarte boek vast.